Het verontrust mij zeer dat het beroep van schoonheidsspecialist, mijn vak, de laatste tijd in een verkeerd daglicht wordt gesteld. Van verschillende kanten komen er berichten in diverse dagbladen over het ondeskundig handelen door schoonheidsspecialisten, met als gevolg ernstige beschadigingen aan de huid. "/>

Van de pukkel tot de rimpel, of toch niet meer?

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:

Het verontrust mij zeer dat het beroep van schoonheidsspecialist, mijn vak, de laatste tijd in een verkeerd daglicht wordt gesteld. Van verschillende kanten komen er berichten in diverse dagbladen over het ondeskundig handelen door schoonheidsspecialisten, met als gevolg ernstige beschadigingen aan de huid. 

Het televisieprogramma Radar had een item over IPL en laserbehandelingen die ondeskundig zouden zijn uitgevoerd, wat breed werd uitgemeten in de overige media. Diverse ‘deskundigen’, voornamelijk vanuit de medische en plastisch chirurgische sector, menen hun professionele woordje hierover te moeten zeggen met als gevolg dat alle schoonheidsspecialisten over één kam worden geschoren. Dit schaadt de totale beroepsgroep onvoorstelbaar!

 

Professionaliteit

Er wordt voorbijgegaan aan goed opgeleide en gespecialiseerde schoonheidsspecialisten die elke drie jaar hun nascholingen bijhouden om te voldoen aan de gestelde normen voor onder andere acne, camouflage, bindweefsel, lymfedrainage, elektrisch ontharen en ontharingstechnieken. Die alle noviteiten op het gebied van huidverbetering volgen en deelnemen aan trainingen.

Zij fungeren als poortwachter. Door hun brede kennis traceren zij huidproblemen zoals actinische keratose en huidkanker, en verwijzen door naar de huis- c.q. huidarts. Ja, die huisarts die nog heel vaak neerkijkt op de schoonheidsspecialist. Het woord is dan ook zeer ongelukkig gekozen. Wij kunnen geen schoonheid geven. Niet letterlijk en niet figuurlijk.

Zowel huisarts als huidarts werken liever met huidtherapeuten, terwijl een behoorlijke groep VO-schoonheidsspecialisten een gedegen opleiding heeft genoten, vaak nog aangevuld met opleidingen bij U-consultancy en HBO medische basiskennis. 

 

‘Salonnetje’ en ‘klantje’

Daar waar jaren is gewerkt om het niveau van de schoonheidsspecialist te upgraden van make-upjuf tot daadwerkelijk huidverbeteringsspecialiste wordt door malafide, vaak niet gediplomeerde beunhazen teniet gedaan. Met het wegvallen van de vestigingswet is er een vrijbrief gekomen die het iedereen mogelijk maakt een ‘salonnetje’ te beginnen. Alleen al van dit woord en ook ‘me klantje’ gruwel ik. Ik vraag me met stijgende onrust af waar ons prachtige beroep uiteindelijk zal stranden.

 

Wat is de reden

Komt het doordat al op vrij jonge leeftijd een keuze gemaakt moet worden? Als je vraagt waarom iemand kiest voor dit beroep hoor ik te vaak: ik vind het leuk om met mensen bezig te zijn. “Dat kan ook in een supermarkt achter de kassa”, is dan steevast mijn antwoord. Ons veelzijdige beroep moet veel duidelijker qua inhoud onder de aandacht worden gebracht op de scholen. Het ondernemerschap moet hier beter worden opgenomen. De zolderkamersfeer behoort tot het verleden. Of is de uitholling van dit vak in het huidige onderwijs een reden? Praktijklessen sluiten niet aan op de hedendaagse praktijk, ondernemers willen liever geen stagiaire meer. De attitude naar de cliënten toe laat veel te wensen over en dat gaat ten koste van de naam van de praktijk.

 

De oplossing?

Goede samenwerking zou een oplossing kunnen zijn, heldere en transparante communicatie tussen scholen en Brancheorganisatie ANBOS, de belangenbehartiger van de schoonheidsspecialist, voor zowel werkgever als werknemer. Onderwijs afgestemd op de hedendaagse praktijk en de vraag van de kritische consument. Een actieve houding van alle gediplomeerde schoonheidsspecialisten zich te verenigen binnen de branche. Samen sta je sterker en kan een eenduidig en juist profiel naar de consument worden uitgedragen. De negatieve uitlatingen door diverse schoonheidsspecialisten op onder andere verschillende Facebookgroepen over de brancheorganisatie zijn funest en dragen absoluut niet bij aan een goede onderlinge verstandhouding. De rol van de leverancier zou een andere invulling moeten krijgen. Met name de verantwoordelijkheid ten aanzien van leveringen van producten en apparaten aan niet-gediplomeerde en gespecialiseerde beroepsbeoefenaars. Het is twee voor twaalf en dus de hoogste tijd om de handen ineen te slaan. Samen dragen wij zorg voor een prachtig beroep, maar daar moet je wel aan mee willen werken.

Marianne van den Broek

 

Meer blogs lezen van Marianne? Klik hier.